College wijst subsidie en garantstelling CQ van de hand

Coevorden - Door de beoogde reorganisatieplannen is CQ niet de organisatie die de gemeente met subsidie wil ondersteunen. CQ had gevraagd om voortzetting van de huidige subsidie en garantstelling voor de reorganisatie. Het college wijst dit af.

Dit liet wethouder Jeroen Huizing zojuist weten tijdens de raadsvergadering. CQ wil van een aanbodgerichte naar een vraaggerichte organisatie. Het aantal fte's (een fte is een volledige werkweek, red.) zou van 37 naar 14 gaan. Docenten zouden als zzp'er lessen kunnen verzorgen. 'Dat strookt niet met het uitgangspunt van de gemeente die een aanbodgerichte organisatie subsidieert. Daarom wijst het college de plannen en daarmee de aanvraag om subsidie en garantstelling af'', aldus Huizing.

Drie opties

De wethouder liet weten dat er drie opties zijn. 'CQ vindt een andere dekking voor de plannen. Ten tweede zou CQ voor het feit kunnen komen te staan dat geen dekking wordt gevonden. Een derde mogelijkheid is dat het beleid wordt heroverwogen en het door ons gewenste aanbod biedt, waardoor CQ de subsidie zou kunnen behouden. Ook de huisvesting in Hof van Coevorden zou dan een punt van bespreking worden.

Het Centrum voor de Kunsten Zuidoost-Drenthe heeft het college geïnformeerd over het nieuwe ondernemingsplan. Door de veranderende vraag vanuit de gemeenten waarvan CQ subsidies ontvangt (Emmen, Coevorden, Borger-Odoorn) wil CQ haar toekomst invullen als netwerkorganisatie. Vanwege het grote aantal mensen dat hierdoor afvloeit, komt CQ voor grote reorganisatiekosten te staan, die de kunstenorganisatie wil dekken vanuit de subsidie van de gemeenten. Voor de gemeente Coevorden betekent dit een vraag van 448.000 euro voor de komende drie jaren.

Basis

De subsidie die CQ jaarlijks van de gemeente Coevorden ontving, was gebaseerd op het aanbieden van Algemene Muzikale Vorming (AMV), ondersteuning HaFaBra (harmonie, fanfare, brass), dans voor kinderen en deels vraaggerichte producten en diensten voor het primair en voortgezet onderwijs. Door de omslag van CQ van een uitvoerende, aanbodgerichte organisatie naar een vraaggerichte, flexibele organisatie die zich richt op de markten onderwijs, amateurkunst en op wijken en dorpen ontstaat een nieuwe partij, die meer een schakelfunctie vervult. Van een eerstelijns organisatie die producten en diensten aanbiedt, naar een tweedelijns faciliterende netwerkorganisatie. Dit past niet bij de subsidierelatie. Het college verleent daarom vanaf augustus 2014 geen subsidie aan CQ.

Geen langjarige verplichtingen

Met het verzoek van CQ om het huidige subsidieniveau te handhaven tot 2017 kan het college niet instemmen. Er is nog geen duidelijkheid over de uitkomst van de takendiscussie, maar in het coalitieakkoord is wel gesteld dat een gedeelte van de totale bezuiniging, namelijk 3,7 miljoen euro, in 2015 gerealiseerd moet zijn. Daarvoor wordt vooral gekeken naar de gebieden met de vrije beleidsruimte, waarvan cultuur er één is. Het college wil daarom geen langjarige financiële afspraken maken. Het bekostigen van de reorganisatiekosten, waar CQ ook om heeft gevraagd, wijst het college eveneens van de hand. In eerdere gevallen, waarbij organisaties vroegen om een bijdrage in de frictiekosten, is besloten hieraan niet bij te dragen. Er is geen wettelijke basis voor een vergoeding van frictie- of reorganisatiekosten.

Consequenties

Het college realiseert zich dat het afwijzen van de verzoeken van CQ verstrekkende gevolgen kan hebben. Het huidige ondernemingsplan biedt echter geen basis voor de voortzetting van de subsidierelatie. Het college gaat op korte termijn met CQ in overleg over de mogelijkheden die er zijn naar aanleiding van het besluit.