Grepen uit het verleden | oplossing aflevering 68

Marleen Wessel nam gelijk nadat ze de krant had open geslagen de telefoon ter hand, want ze herkende de brug direct. „Over die brug ging ik elke dag met veel plezier naar mijn werk bij de strokartonfabriek, met leuke collega’s. Tijdens mijn loopbaan als directiesecretaresse heb ik vier directeuren gehad.”

Wim Kemna heeft ook bij de kartonfabriek gewerkt, in die periode is het bruggetje weggehaald. „Zodoende moest je omfietsen om naar het werk te gaan.” Ook Henk Kampman vindt het jammer dat de brug verdwenen is. „Was de brug er nog maar, want dat scheelt een stuk fietsen als ik naar het werk moet.” Gezinus Hingstman heeft vijf jaar bij Hollandia gewerkt. „Ik ben er zelfs, toen ik zestien jaar was, met een bromfiets van drie dagen oud onderuit gegleden.”

Alidus Moddejongen heeft een soortgelijk verhaal. „Vele jaren ben ik over de brug bij kartonfabriek Hollandia gegaan en ben er zelfs ‘s winters onderuit gegaan met mijn brommer, bijna het kanaal in. Stukje nostalgie.” Ronald Blokzijl kan er ook over meepraten. „Dat kan mijn verhaal wel zijn! Ik zie nog zo mijn Kreidler voor me uit schuiven.” Egbert Knol weet te vertellen dat er eerst alleen twee bomen aan de zijkanten stonden. „Door de harde wind is er een kind onderdoor gewaaid en verdronken. Daarna zijn er hekken geplaatst.”

Egbert van Faassen uit Lutten herkende het ook direct. „Hier was eerst Neutel brugwachter en later mijn vader. Hij was tot de sloop van de brug in 1987 brugwachter.” Willy Manuel-van Faassen weet ook het nodige te vertellen. „Het is ‘de brug van Lulf’ aan de Gramsbergerstraat. De overgang naar de Strokartonfabriek. Deze foto is ongeveer uit 1972, destijds was mijn vader daar al brugwachter en woonden wij daar al. De brug was regelmatig gestremd omdat té grote vrachtwagens de bocht niet konden halen en klem kwamen te zitten. Ook moesten werknemers van de strokartonfabriek - destijds Hollandia - regelmatig wachten omdat het leek of de brug juist omhoog werd gehaald als ze moesten beginnen of naar huis gingen. De huizen aan de Batavierstraat waren al in aanbouw. Ik (de jongste dochter) woon nog altijd in de brugwachterswoning. Nog altijd een fijn huis op een mooie plek, met veel goede herinneringen aan die tijd.” Henk Heidema weet zich zomerse taferelen te herinneren. „In de zomer sprongen wij als snotneuzen van de brug in het water.”